Heb jij deze slak hierboven ook weleens ontmoet? En dan heb ik het dus over de tijgerslak- Limax maximus. Men noemt ze ook weleens de grote grijze slak of een luipaardslak daar zij er wel wat op lijken. De volwassen naaktslak kan een lengte hebben van ongeveer 10-20 cm lang en is over het algemeen licht grijsachtig of grijsbruin met donkere vlekken en vlekken, hoewel de kleur en het exacte patroon van het lichaam van deze naaktslakensoort ook weleens kan verschillen. Het is niet zo een mooie foto maar deze zat op mijn balkon en dan is het wel een goede klimmer te noemen want ik zit twee hoog.
Zij leven voornamelijk in tuinen, plantsoenen, afvalhopen, kelders, tuinhuisjes en schuren. En je kan hen ook ontmoeten in het algemeen op vochtige plekken in de buurt van je woning. Een slak in huis hebben is niet zo een fris gezicht want ze laten vieze slijmsporen achter. Naaktslakken genieten nu eenmaal van een vochtige omgeving. En mocht jij dus ook eens last van deze of andere naaktslakken in je woning hebben, dan is het dan ook zaak om dan goed te ventileren en zo een droge omgeving te creëren. Als het vochtprobleem geen bouwkundige oorzaak heeft, moet naar andere oplossingen worden gezocht.
Een te hoge grondwaterstand kan ook slakken problemen veroorzaken. De grond in de kruipruimte kan dan worden afgedekt met schelpen, kleikorrels, schuimbeton of kunststof bolletjes folie. Als dit niet werkt is het zaak om de ingangen van de slakken te blokkeren. Ze kunnen binnendringen via verschillende (kleine) openingen in het huis zoals: kruipruimten, ventilatieopeningen in muren of via andere kieren. Het blokkeren van deze ingangen helpt bij het buitenhouden van naaktslakken.
Deze soort slakken houden geen winterslaap, maar kruipen pas in de grond als het gaat vriezen. Dus je zal er wellicht ook eens een paar kunnen zien. Tijgerslakken eten nooit groene planten, maar vooral schimmels zoals de zwavelkopjes die weleens in je tuin staan dus deze zijn ook absoluut onschuldig en doen geen kwaad aan je planten wat de meeste mensen wel denken.
En ook deze zijn tweeslachtig en dat betekent dat deze ook zowel de mannelijke als vrouwelijke voortplantingsorganen hebben. Elke slak kan dus eitjes leggen, waardoor de aantallen slakken snel kunnen toenemen. Na het paren legt de naaktslak tientallen kleine transparante eitjes in een holletje in de grond of op andere beschutte plekken. Na een paar weken komen de eitjes uit. De meeste soorten worden niet ouder dan een jaar. Want ze hebben ook hun vijanden net als de andere slakkensoorten.
De paring van de tijgerslak - in juli, augustus en september - is echt spectaculair. Valmont de Bomare, directeur van het natuurhistorisch kabinet van Lodewijk XVI, beschreef de paring van de tijgerslakken al in 1776 in zijn Dictionnaire raisonn universel d'Histoire Naturelle. Zelf had ik het nog nooit gezien. Maar een YT vriend van mij wel en de film zie je onder het schrijven. kleine intro zijn deze woorden:
Eerst kruipen de slakken op een vaste ondergrond achter elkaar in een cirkel. en dan al draaiend maakten ze een dikke slijmplek. Ze bedrijven samen de liefde als ware koorddansers. Daarna stulpten ze het mantelschild breed uit, zodat het net een kelk was. Als de slijmplaat dan dik genoeg is, latten ze plotseling elkaar los en zakken ze aan deze taaie slijmdraad om elkaar gestrengeld naar beneden. De lijven spiraalden beurtelings om elkaar heen. Meer schrijf ik niet want dat kan je zien in onderstaande video wat ze doen en hoe. Best heel interessant deze manier van liefde bedrijven. En veel slijm komt hier wel aan de pas voor een goed resultaat.
Geniet van het onderstaande filmpje en voor hen die het in een andere taal wilt lezen wat er gezegd wordt dan even drukken op de vertaal vierkantje en dan op het radarwieltje er naast in de taal die jij hebt. En als je het filmpje in het groot wilt zien is kijken op YT wel een aanrader.
Tekst en Fotografie, Tine de Jong, 2020 Informatie uit mijn vele natuurboeken.
En als de link het niet zal doen wat wel vaker voorkomt dan kan je het gewoon kopiëren en er op zoeken en natuurlijk zijn de labels onder de video ook een aanrader voor jou. Bedankt voor je bezoek en ook is het altijd leuk als jij een reactie zal achterlaten maar is niet verplicht.
Het is weer een herfst met veel regen maar ook al vinden wij dit helemaal niet zo fijn toch zijn er dieren die juist wel heel blij zijn met al die nattigheid en dat zijn de slakken. Er is al veel geschreven over hen op deze website maar toch wilde ik weer eens wat schrijven daar ik onlangs weer mooie ontmoetingen had met deze bijzondere weekdieren. En ditmaal wil ik eens wat schrijven over de huisjesslakken.
Want deze vind ik altijd bijzonder mooi om te zien en dan vooral de huisjes die ze op hun rug hebben. Maar ook vooral ook de schelpkleur en de bandpatronen van de gewone gestreepte tuinslak-Cepaea nemoralis zijn wel bijzonder te noemen. In huisjes van deze slakken zit ook altijd veel een verschil van vormen en banden als je er eens goed op letten gaat.
Normaal zitten er 5 donkere kleurbanden maar het kan ook voorkomen dat er een paar ontbreken want ik las in 1 van mijn natuurboeken dat als zij wel meer strepen zouden hebben deze meer voorkomen en leven in de wat open plaatsen zoals de graslanden en deze soort heeft dan een weer een voorkeur voor de levende planten zoals de brandnetel of een boterbloem en zo merk je ook weer het verschil van levenswijze van verschillende slakken met een huisje.
Wist jij trouwens dat kleur van de schaal er ook mee te maken heeft hoeveel ze opwarmen in de zon, want dat beïnvloedt namelijk ook hun kleuren. En daarbij is het ook erfelijk bepaald hoe de kleur zal wezen. Bij de nog onvolwassen exemplaren is deze nog heel licht van kleur en zelf wit. Hoe warmer het is hoe meer lichte huisjes je dan ziet. Ik kwam ook een kleiner soort tegen en die had ik ook maar weinig banden. zie foto onder.
Er is nog een soort en dat zijn de wit-gerande tuinslak -Cepaea hortensis maar die kom ik niet zo vaak tegen. Wel dat ze eruit zijn gepikt door een vogel of een andere vijand maar dat fotografeer ik niet. Vind het veel mooier als deze nog leeft. Deze is wel wat kleiner als de gewone tuinslak die we vast allemaal wel kennen. Deze slak varieert zo ongeveer in hoogte van 10 tot 18 mm en heeft een diameter van 14 tot 22 mm. Het aantal kransen op de schaal kan 5 - 5 1/2 zijn maar ook weer afhankelijk van de plaats.
De schaal is glad en kan een uniforme kleur hebben die varieert van primulageel, olijfgeel, grijsgeel of grijsgeel bruin met een witte lip . De schelpen kunnen een of vijf strepen hebben die kastanjebruin van kleur zijn. Nu ga je vast je eigen afvragen wat betekent een witte lip. Nu dat houdt in dat de rand van het diafragma, en dat is ook weer afhankelijk van de soort scherp die dan wat verdikt kan wezen. Vroeger had ik daar niet zo opgelet maar door een documentaire die ik eens had gezien op tv heeft mij hierop gewezen waardoor ik daar nu ook meer op ben gaan letten. En dat is echt heel interessant als je hen eens beter gaat bekijken wat ze doen of hoe zij zich bewegen. Helaas was het filmpje mislukt van de slak onder maar de foto is wel gelukt.
Slakken komen uit hun schuilplaatsen als het regent en ze zijn allemaal blij met dit regenachtige weer. Bij droog weer kunnen ze met het opgeslagen vocht gedroogde slijmbarrières creëren om waterverlies te voorkomen en vele jaren te overleven. Slakken bestaan namelijk voor ongeveer 90% uit water. Op warme, zonnige dagen kunnen ze zeer snel uitdrogen en zich dus verstoppen. Ze zijn dus dol op vochtige lucht. Ze houden niet van een droge omgeving en ook niet van veel licht. Dan kruipen ze weg in hun huisje in de schaduw. Maar 's avonds en vooral als het een beetje geregend heeft, komen ze tevoorschijn. Want als het regent kunnen zij zich veel gemakkelijker verplaatsen en dan hebben ze ook niet zo erg veel last van roofdieren die slakken graag eten.
Ze kunnen op de natte gladde stoep kruipen en zich in een rechte lijn blijven bewegen om hun weg terug te vinden in het kreupelhout of onder de oude zonnebloemen zoals in mijn video voor wat voedsel. Want nu de herfst is aangevangen ligt er zat voor hen en in onderstaande filmpjes onder mijn schrijven lijkt het wel een race die ze houden om wie het eerste mag smullen ervan. Zelf heb ik er een verhaaltje onder geschreven maar dat lees je als je beschrijving onder de film zal lezen. Nu nog even een mooie foto die ik nam van de slak die nog even aan het smullen was alvorens deze zich omdraaide om verder te gaan waar deze naar toe wilde.
Als huisjesslakken eitjes gaan liggen dan worden deze allen in de grond gelegd. Met het voorste deel van de voet graaft de ouderslak dan een kuiltje en legt hierin steeds een paar eieren, totdat alle eitjes gelegd zijn. Het kuiltje wordt dan weer netjes dichtgemaakt en de slak gaat weer haar eigen pad volgen. De eitjes komen een paar weken later al uit. En de huisjesslakken die net uit het ei zijn gekropen hebben dan ook al een heel klein huisje op hun rug. Maar die zijn nog poreus en na mate ze gaan groeien worden deze vanzelf groter. Dus moeten ze wel veel eten en dat doen ze ook wel als er genoeg voedsel voor hen is.
De kleine slakjes eten dan wel als eerste hun ei- schaal op want dat is de klak die ze ook nodig hebben en waar ook weer goede voedingstoffen voor hen in zitten en zij gaan dan pas op zoek naar ander eten zoals wat algen of een lekker sappige blaadje wat op de grond ligt, maar rottende groenten en ook paddenstoelen worden ook met smaak door hen opgepeuzeld. En dus weer niet zoals jij denkt dat ze aan je plantenblaadjes gaan zitten want echt dat zijn de naaktslakken die dit allen doen en zij komen het liefst tevoorschijn als jij ze niet ziet. Deze hebben namelijk ook een geheel ander slijmspoor dan de huisjesslakken. Deze zijn wat groter en naast elkaar gelegen dan die van een huisjesslak.
Ik kwam bij een wandeling ditmaal wel veel bruine huisjesslakken tegen en deze kleur heeft voor hen ook wel weer hun voordelen. Want deze warmen zich in het voorjaar al eerder op, zodat ze al actief worden als hun gele soortgenoten nog liggen te slapen in hun huisjes omdat ze het nog te koud vinden om naar buiten te gaan. En daarbij zijn ze ook beter gecamoufleerd, zodat ze beter verborgen blijven voor hun vijanden. En die hebben zij genoeg vooral vogels zien in huisjesslakken wel een smakelijk hapje.
Er is nog een slak die men heesterslak- Arianta arbustorum heeft genoemd. Het huisje is even groot als van de tuinslakken, maar wijkt toch wat af. De mondopening is van deze ook wel donkere slak is ook wel mooi afgerond en het patroon op het huisje bestaat uit grijswitte spikkels en op een geelbruine ondergrond. Deze komen ook voor in het hele land, vooral in bosachtige gebieden, maar ook in bermen en diverse andere terreinen.
Huisjesslakken worden zo een ca. 22 mm en zij worden soms ook wel verward met de Segrijnslak. Maar deze is wat geliger en de Heesterslak is ook weer wat donkerder van kleur en leeft ook van algen en afval. Dus ook deze doen echt geen kwaad aan je planten of groente in een tuin wat men meestal altijd denkt. Deze slak hoop ik ook nog eens zelf te zien en te bestuderen of er dan ook eens een filmpje van te maken.
Weet je wat ook het interessante aan gebandeerde slakken is ? En dit is vast ook voor jou wellicht wel interessant om te weten dat deze ook zelden echt levende planten eten. In plaats daarvan zijn zij ook je vijand in de tuin helemaal niet en zijn dus ook de opruimers van Moeder Natuur. te noemen. Want ook zij smullen slechts van de dode en stervende bladeren, schimmels, algen, mos en insecten zoals trips en bladluizen. En voor niet weet wat tripsen -ook wel trips alleen genoemd nu weer zijn? Nu dat zijn die dunne akelige beestjes oftewel die kleine insecten met die gerafelde vleugels zoals de onweervliegjes , ook wel donder beestjes genoemd of fruitvliegjes en andere blaaspotige dieren. En deze komen ook heel veel voor in kassen maar ook in je eigen tuin dus geef niet altijd de huisjesslakken de schuld.
Deze zijn bijna niet met het blote oog te zien want ze zijn maar 1mm groot en grijsachtig of geel tot bruin van kleur.Tripsen houden niet van een hoge luchtvochtigheid, om van trips af te komen wordt er aangeraden de luchtvochtigheid te verhogen of de plant regelmatig te besproeien met water. Nu heb je gelijk een tip erbij voor jou van mij. Maar ook de huisjesslakken eten deze maar al te graag op voor jou. Dus ga nu eens echt de huisjesslakken anders zien want zij doen echt goed werk. Zij zijn het echt niet die je planten beschadigen.
En die zie je vast nets als luis ook helemaal niet graag dus laat wat huisjesslakken in je tuin als jij ze eens zal zien. Verban ze niet allemaal uit je tuin. De huisjesslakken zorgen er dus net als de lieveheersbeestjes er voor dat deze uit je blad gaan.
Men denkt helaas altijd maar wat te graag dat huisjesslakken schadelijk zijn maar dat zijn deze juist niet want dat zijn de naaktslakken en de trips. En de naaktslakken kan je het ook wat moeilijk gaan maken door wat losse zaagsel neer te strooien bij je moestuintje.
Ook houden ze niet van harde randjes dus wat losse eierschalen is ook wel een tip voor je.Ze zullen zich na 1x maal flink bedenken om het nog eens te doen. Maar weer niet de huisjesslakken uit je tuin want zij doen meer in je tuin dat wat jij denk en dat kan je hier in deze linken ook lezen als je wilt: Deze kan je dan even kopieën en dan in je browser gaan opzoeken als je dit ook eens wilt lezen. En dat zijn deze:
Maar er staan nog meer weetjes over deze weekdieren hier. Gewoon even zoeken op slakkensoorten en je vindt hen gewis. In de winter zal je hen niet zien want dan is er weinig te eten voor hen en kunnen ze ook snel bevriezen door het vocht wat ze in zich hebben en houden zij zich schuil, maar nu kan ik nog heerlijk van hen allen genieten. En jij weet nu ook vast meer over hen en wellicht ga jij nu wel eens deze huisjesslakken ook eens anders zien want lastpakken zijn deze echt helemaal niet.
Het was voor mij ook heel interessant om te zien hoe de slak met huisje zich zo mooi op een tak van een boom omdraaide. En dat kan je ook zien in een filmpje die ik had gemaakt als een soort van testfilm met een leuk muziekje erbij. wilde hem ook plaatsen maar lukte niet helaas. Als deze het niet doet kan je deze wellicht even kopiëren als je het wilt zien.
Het is tevens de laatste uit deze serie die ook onderin staan. Maakte het vast ook een beetje spannend maar de regen maakte ook mijn camera nat en daar was ik wel voorzichtig mee.
En aan jou de keuze hierbij wat jij wilt gaan zien. En dat je hen allemaal bekijkt is wel wat ik zal waarderen. Ze duren ook kort.
Ik bedank jou wel vast voor je bezoek en het bekijken van mijn fotografie, het lezen van mijn schrijven en het bekijken van de korte filmpjes die ik had gemaakt van hen allen.
Ik hoop ze ook nog eens een keer parend te mogen zien want elke soort slak heeft ook zijn eigen paringsritueel en dat lijkt mij dan ook eens mooi om te dit te zien en wellicht zet ik deze hier dan ook wel weer erbij. Laat jij mij het weten hoe je dit schrijven vond? En zie jij deze nu wel wat anders?
Soms als je eens in greppels of in de sloten of in een vijver kijkt kom je ook weleens mooie diertjes tegen. En onlangs was het de posthoornslak -Planorbarius corneus die ik zag. Men noemt deze ook wel de schijfhoren of de schijfhoornslak en zijn ook familie van de Planorbidae.
Er zijn heel veel soorten die op hen lijken maar toch zit er weer verschil in. In Nederland komen ongeveer 42 soorten zoetwaterslakken voor. Bekende zoetwaterslakken zijn de gewone poelslak en de posthoornslak. En over de posthoornslak ga ik -Tine- nu eens schrijven. En wellicht leer jij weer wat van de onderstaande informatie.
Het huisje kan wel tot 3,5 cm groot worden. Zijn naam is afkomstig van de vorm van zijn huisje dat lijkt op een posthoorn. De kleur van de schelp is roodbruin maar door algen en andere aantasting lijkt deze vaak meer groenig. De meeste soorten in Nederland hebben een geel tot grijsbruin huisje, dat meestal bedekt is door een zwarte of groene laag. Waarschijnlijk biedt deze onopvallende kleur bescherming tegen vijanden want die hebben zij net als andere dieren ook en voor de posthoornslak zijn dit o.a Bloedzuigers en karpers.
Er zijn grote en kleinere soorten en die ik zag zat tussen de kleine en grote in en was ongeveer 2 cm. Het lichaam van de posthoornslak is donkergrijs voorzien van een platte, aan het uiteinde spits uitlopende voet. De posthoornslak heeft ook longen, maar kan ook zuurstof uit het water opnemen. Daarom noemen ze deze ook wel een longslak. Hierdoor kan de posthoornslak leven in minder zuurstofrijk en in dieper water dan een poelslak. Ondanks dat het een waterdier is gaat de posthoornslak zo af en toe naar de oppervlakte om zijn longen weer te vullen.
Deze posthoornslak leeft meestal in stilstaand water met een wat modderige bodem waar het zich voedt met waterplanten en hun overblijfselen. Vele algen en rottend organisch materiaal dat op de bodem te vinden is dat eten zij op. Zoetwaterslakken hebben ook kalk nodig om een huisje te bouwen en houden daarom van 'hard' water. Kalk wordt opgelost door zuur. Zure regen kan er daardoor voor zorgen dat omgevingen soms niet meer geschikt zijn voor menige waterslakken.
Als een van de weinige buikpotigen heeft de slak een rode hemolymfe - roodbloed, waardoor deze slak in staat is meer zuurstof uit het water op te nemen. Dus deze slakken soort bevat hemoglobine en geen blauwe hemocyanine wat meestal gebruikelijk is voor weekdieren. De ogen zijn gebaseerd op lange, draadvormige antennes. Ze hebben daarbij als buikpotige ook een gespierde onderzijde van het langwerpige lichaam, die voor de voortbeweging zorgt. Het is best wonderbaarlijk te noemen hoe een slak zich met zo een huis zich kan voortbewegen.
Deze slak is zoals bijna alle slakken ook tweeslachtig maar kan zichzelf niet bevruchten. Nadat er gepaard is kunnen meerdere keren eitjes worden afgezet. Deze zitten in een gelei-achtig, plat en doorzichtig eipakket, dat pannenkoek-achtig van vorm is. De eitjes worden tegen waterplanten of onder drijvende bladeren afgezet.
Hier heb ik mooi filmpje voor jou gevonden van een paring en dat is ook wel leuk om te zien maar lees wel verder voor meer informatie
In de natuur vindt paring seizoensgebonden plaats, in de lente en de herfst, bij watertemperaturen boven 15 ° C. De eieren met een diameter van 1,2-1,7 mm worden gelegd in meestal langwerpige capsules van 8-15 mm breed, die elk 12-40 eieren bevatten. Deze capsules zijn stevig bevestigd aan waterplanten. Na ongeveer 14-16 dagen komen ze uit en komen kleine slakken vrij met een transparante schaal. Elke stam bevat 12-40 eieren, bevestigd aan waterplanten, embryo's zijn roodachtig met doorzichtige schelpen, jongen komen na 14-16 dagen uit, levensduur tot 3 jaar.
Deze zoetwaterslakken worden helaas ook wel eens gevangen want ze zijn ook zeer geliefd in een aquarium. Het is een makkelijke slakkensoort die zich goed voortplant. En ze helpen ook heel goed tegen korte fluweelalgen en puntalgen, maar ze eten ook planten dus moet men wel weten wat men erin doet. Jonge posthoornslakken eten over het algemeen slechts algen maar de volwassene niet. Slakken zijn echter ook wel zeer grondige schoonmakers van glas en stenen en kunnen in hoeken en gaten komen die andere vissen overslaat. Maar ik zie ze veel liever in hun eigen habitat want daar hebben ze veel meer vrijheid.
Helaas was het water te troebel in de greppel om zelf te filmen maar onderstaande video is dan wel uit een aquarium maar dan zie je deze wel beter.En als je de film goed bekijkt zie je ook hoe deze lucht tot zich neemt.
Informatie uit diverse natuurboeken van mij en samengevoegd tot bovenstaande schrijven
Bedankt voor het lezen en je bezoek maar ook dat je de andere informatieve blogs leest met andere mooie feitjes en weetjes uit de natuur. En meer over slakken vind je ook op de natuurwebsite en je komt ze vast tegen als je eens op de labels of tags klikt of drukt onder de video.
In onderstaande video zie je een posthoornslak- Planorbarius Corneus in HD
Bekijk de video via YouTube en zet deze dan het grote beeld aan. En echt de moeite waard om het te zien.
Wie weet heb je ze vast wel eens gezien en soms zijn deze slakkenhuisjes gestreept of mooi gekleurd. Als het vochtig weer is geweest of nog is, klimmen huisjesslakken vaak aan een stengel omhoog of in een boom en sluiten de mantelholte met een vlies van snel hard wordend slijm af om uitdroging te voorkomen.
Slechts via een kleine ademopening hebben ze contact met de buitenlucht. In de bomen zitten ook altijd wat algen en daar zijn de slakken helemaal gek op, maar jonge bladeren vinden ze ook wel lekker. En dat zorgt er ook meteen voor dat er in de winter bijna geen slakken te vinden zijn, omdat er niks te eten is voor hen en dan houden ze een winterslaap.
Hoe groter de slak is, hoe meer kalk deze nodig heeft. Die kalk haalt een slak voornamelijk uit de grond want daar zit ook genoeg voor hen in waar ze op kunnen teren.
Hoe warmer het is, hoe meer lichte huisjes je ook kan zien. In Nederland is het effect ook goed te zien. Want vooral in de stad is het warmer dan erbuiten, en dan zie je meer lichte huisjes slakken. In de stad raken ze ook veel sneller oververhit, waardoor ze dan eerder sterven.
Maar bruin zijn heeft ook voordelen voor de slak. Bruine slakken warmen in het voorjaar veel eerder op, zodat ze al actief worden als hun gele soortgenoten nog liggen te bibberen. En in het bos zijn ze daarbij ook beter gecamoufleerd, zodat ze beter verborgen blijven voor vijanden.
Huisjesslakken zijn er vaak in verschillende kleuren en met een mooie tekening in het huisje. Er zijn ook veel verschillende soorten. In tegenstelling tot naaktslakken die meer op de grond leven kunnen we huisjesslakken vaker aan de onderkant van grote plantenbladeren en in struiken vinden. Gemiddeld leven ze 2 a 3 jaar maar een slak kan ook 7 jaar oud worden.
Een naaktslak is voor een vogel eenvoudig te verorberen maar een huisjesslak verstopt zich in zijn huis. Doch merels hebben soms ook zin in een lekker slakje en hebben vast afgekeken hoe een lijster met een steen het huisje proberen open te breken. Maar slakken die boompje klimmen, gaan makkelijker omhoog dan omlaag. Het huis weegt ongeveer evenveel als het dier dat eraan vastzit.
Een dergelijke ballast levert bij het afdalen, zeker als het slijm van het kruipspoor niet goed hecht toch wat problemen op. Bekijk de huizen van ‘boomslakken’ maar eens heel goed. Als de ondergrond bij de boom stenig is, hebben negen van de tien klauteraars door een val beschadigingen aan het huis opgelopen, en zijn dan gemakkelijker het doelwit van de slakkeneters. En ik heb ze gezien hoor, die wel 5 meter hoog zaten in een boom.
Moet je nagaan hoe lang ze daar over hebben moeten doen. Ben eens op onderzoek gegaan waarom dat zij een boom ingaan of zo hoog gaan. Waarom deze huisjes slakken er precies zitten? Nu ik heb gelezen in de vele bibliotheek boeken dat zij een ´relatief´ veilige plek zoeken omdat ze dan voor egels onbereikbaar zijn en ook voor de lijsters. Want deze zoeken doorgaans meer op de grond.
Wist je ook dat Ratten en muizen huisjesslakken eten? Ja, de slakken hebben heel veel vijanden in de natuur en dus niet alleen de mens. De lege huisjes nemen ze soms ook mee, omdat er veel kalk voor hen in zit. Het is Niet bewezen, maar wel beschreven in vele boeken die ik heb door gelezen. Een aantal slakken worden ook gewaardeerd bij de mens als decoratie vanwege de soms erg mooie schelp. Vooral in zee levende slaksoorten maken soms ware kunstwerkjes met parelmoerglans, bijzondere vormen of stekelstructuren, bovendien worden ze ook veel groter. De slak die hieronder staat ken je vast wel:
De wijngaardslak
De wijngaardslak (Helix pomatia) is de grootste slak in Zuid-Limburg. Men zegt dat de Romeinen deze slak naar deze gebieden hebben gebracht om ze te laten verwilderen. De bedoeling was uiteraard om ze uiteindelijk op te eten. Ik zal hen zeker nooit eten want ik bewonder hen slechts. Slakken zijn ook hermafrodiet, dus ze zijn zowel man als vrouwen en bevruchten elkaar. Bij de wijngaardslakken begint de paring met een uitgebreid liefdesspel dat wel uren kan duren.
Dus wil je dit eens gaan filmen dan moet je ook veel geduld hebben. De slakken leggen de voetzool tegen elkaar en wiegen dan zachtjes heen en weer en betasten elkaar met de lippen en de voelhoorns. Het vreemdste van het liefdesspel bij de wijngaardslakken en bij veel andere soorten slakken, is de liefdespijl. Deze harpoenachtige kalkpijl prikkelt de zaadlozing. Na de paring, die uren kan duren, gaan ze uit elkaar. Bij beide partners ontwikkelen de bevruchte eieren zich eerst in het lichaam. Het leven van een slak is niet alleen slijmerig te noemen want zij doen ook goed werk.
De wijngaardslak is een herbivoor en een onschuldige planteneter welke het liefste alg aanslag van planten verwijderd. Voedsel verzamelen doen ze ’s nachts, vanwege de lagere temperatuur. Door hun slijmspoor zijn ze in staat hun eigen voedselbron terug te vinden. De wijngaardslak is niet schadelijk voor (moes)tuinen. Het dier leeft op de grond, het klimt zelden tegen een stam op, daarvoor is het ook te zwaar.
Een wijngaardslak die paar lustig is heeft een knobbeltje op de kop, een orgaantje welke lokstoffen produceert. De eitjes worden aan de onderkant van bladeren afgezet en zijn enkele millimeters groot, ook worden de eitjes ondergronds in een hol gelegd. De eitjes van de Wijngaardslak zijn wit van kleur en rond van vorm met een doorsnede van ongeveer 6 millimeter.
De eitjes hebben een zachte maar stevige schaal, die het jong dat binnenin het eitje groeit beschermt. In de zomermaanden legt een volwassen slak soms wel honderd eitjes. Dat zijn er best wel veel maar vele overleven niet want ook zij hebben net als de andere slakken in de slakkenwereld veel vijanden.
Bescherming
In Nederland staat de wijngaardslak op de lijst van beschermde diersoorten van de Flora- en faunawet. Zie een eerder schrijven van mij hierover op deze site. Zoek in zoekhoek op website zelf bv: op slakken en je ontvangt veel meer info over deze weekdieren. Dat betekent dat levende maar ook dode dieren (lege schelpen) voor geen enkel doel in Nederland mogen worden verzameld of verhandeld. Al gebeurd toch nog wel illegaal. Daarnaast vallen drie soorten slakken onder de Habitatrichtlijn: nauwe korfslak (Vertigo angustior), zeggenkorfslak (Vertigo moulinsiana) en de platte schijfhoren (Anisus vorticulus).
In een tuin met egels, zanglijsters, padden en duizendpoten zijn giftige slakkenkorrels overbodig. Je kan ook de goede kleine dieren doodmaken door de korrels. Zelfs de lijster en de egel kunnen hiervan doodgaan en dat hebben vele tuinbezitters niet in te gaten als zij de korrels in hun tuinen gaan strooien.
Bedacht moet echter worden het maar om een beperkt aantal soorten gaat: veel soorten leven van ander voedsel dan levende planten en er zijn daarnaast ook veel soorten die juist heel 'nuttig' werk doen door dood materiaal op te ruimen en als voedingsstof aan de bodem toe te voegen. Over de korrels kom ik later terug in dit schrijven want er zijn andere middelen om hen te bestrijden die veel beter zijn voor zowel dier, natuur maar ook voor de mens.
Ook sommige kevers en hun larven hebben de slak op het menu staan. Bijvoorbeeld de Duizendpoten eten de slakkeneieren op. De grootste belagers van deze weekdieren zijn echter de parasitaire aaltjes. Slakken kruipen niet alleen de boom in om algen van de stam te schrapen. Ik heb ze ook aangetroffen op gemetselde muren waarop helemaal niets eetbaars te bespeuren viel. Kennelijk voelen zij zich boven de grond veiliger voor vijanden en die hebben ze meer dan genoeg.
Als wij koolmezen en andere vogels in onze tuin willen, zullen we allen ook eigenlijk de huisjesslakken moeten accepteren. Slakkenhuizen ‘ontkalken’ door verzuring. De huisjes worden dan steeds dunner en er zijn al gebieden waar bepaalde soorten huisjesslakken wegens gebrek aan kalk definitief het loodje hebben gelegd.
De eischalen van onze zangvogels worden daardoor te dun. Eieren met een slechte, poreuze schaal drogen snel uit waardoor het vogelembryo zich niet goed kan ontwikkelen. Met de slakken verdwijnen dus dan ook de zangvogels. Strooi de lege schalen van de kippeneieren maar eens buiten uit. Je zult zien dat de mezen, merels en andere zangvogels er dankbaar gebruik van zullen maken.
Ik hoop dat jij deze slakken nu eens gaat bekijken op een andere manier, want echt het zijn best mooie weekdieren als jij ze goed bekijkt. Vooral de kleuren van hun schild is al erg mooi om te zien.
Wist jij trouwens hoe zij geboren worden? want dat is ook wel leuk om hier even bij te schrijven:
De meeste slakken leggen eitjes waar dan babyslakjes uit kruipen (een beetje zoals een kuikentje uit een vogelei komt). Die babyslakjes hebben op dat moment al een heel klein huisje! Maar er zijn ook slakken die hun eitjes in een soort broed-zak bijhouden en die dus hun eitjes als het ware inwendig uitbroeden.
Als de babyslakjes dan uitkomen, blijven ze voor een korte tijd in deze broed-zak zitten en pas als ze al ietsje groter zijn, komen de babyslakjes dan uit de broed-zak van de moederslak naar buiten. Zulke slakken die geen eitjes leggen, maar die hun babyslakjes direct ter wereld brengen, noemt men levendbarend. Uiteraard hebben ook die babyslakjes dan al hun huisje.
Ik vond een mooi filmpje waar je een geboorte van een slak kan zien en het is echt de moeite waard om het ook te bekijken. Klik op de blauwe link: Birth of a Snail
Nu ga ik het over een ander soort slak hebben : De Naaktslakken.
Naaktslakken
Er zijn ook slakken die jij liever niet wilt hebben en dat zijn die naaktslakken, en soms heb je deze ook in je huis of in je tuin en dat is niet zo erg fijn. Natuurlijk wordt het aantal slakken wel beïnvloed door het weer. Een natte zomer en een zachte winter zullen zorgen voor meer slakken dan een droge zomer en een strenge winter. Omdat deze omstandigheden niet beïnvloed kunnen worden door de mens moeten andere maatregelen worden genomen om de slakken buiten het huis te houden.
Slakken hebben vocht nodig om te overleven. Als u slakken in huis heeft moet er ook ergens een vochtige ruimte zijn waar zij kunnen overleven. Dit zal meestal de kruipruimte zijn die door onvoldoende ventilatie, grondwater of lekkages heerlijk vochtig is. De slakken zullen zich overdag in deze vochtige ruimte ophouden en ’s nachts op zoek gaan naar voedsel in uw woning. Ze komen de woning binnen door kieren en gaten, bijvoorbeeld onder plinten, of door de gootsteenafvoer.
Dit voedsel kan bestaan uit planten of kattenvoer maar ook vochtig papier of karton volstaat voor een slak. Zoek dus eerst de oorzaak voordat je andere dingen kan of gaat onder nemen. Bv een gootsteen kan je voor zien van zo een gootsteen roostertje en kijk ook alles eens na.
Wat zeker een tip is voor jou als je water of vocht in de kruipruimte heeft deze wat vol te gooien met schelpen want dat zuigt vocht op en zorgt tevens voor wat isolatie. De kruipruimte zal hierdoor niet alleen droger worden maar de schelpen vormen ook een onaangename scherpe laag waar de slakken niet over heen zullen willen kruipen.
Voordat u alle kieren en gaten gevonden heeft en heeft kunnen dichten kunt u wel nagaan vanuit welke hoek de slakken komen aan de hand van de sporen. Op deze plekken kunt u aan de buitenzijde van uw woning slakkenkorrels strooien, mocht u deze niet bij de hand hebben dan kan een “spoor”zout ook helpen.
U zult hierbij zeer zorgvuldig te werk moeten gaan want een kier geeft de slak voldoende mogelijkheden alsnog uw woning binnen te dringen. Na een regenbui, niet uitzonderlijk in Nederland, zult u de hele strooiprocedure weer moeten herhalen. Uiteraard is dit slechts een tijdelijke oplossing maar kan het de ergste overlast wel tijdelijk verminderen.
Tegenwoordig zijn er goede (biologische) bestrijdingsmiddelen te koop. Het bijeenrapen kan wat versneld worden door een schotel of ondiepe pot met wat bier te vullen. Het gist in het bier lokt slakken naar de val toe. Zolang het bier niet verslagen of verdund is door regenwater, werkt het redelijk goed.
Ook cola is goed want dat vinden ze ook lekker en verdrinken dan in het bakje. Eenvoudiger is het om een middel te strooien: dan heb je er geen omkijken meer naar en de slakken verdwijnen vanzelf. En deze middelen Die zijn ook onschadelijk voor kat, hond en mens. Deze zijn te verkrijgen bij elke tuincentra of dieren speciaal zaak.
Hoop je weer voldoende informatie te hebben gegeven en dank je wel voor je bezoek en zoek je wat over de natuur, probeer dan deze site nog een keer want er staan veel Weetjes voor jou. En kom eens vaker kijken hier want mocht ik meer te weten komen over de slakken dan zal ik dit regelmatig aanvullen bij deze column.
En heb jij een moestuintje en heb je daar last van slakken? Dan heb ik een diervriendelijke tip voor je erbij: Verzamel eierdoppen, was ze en verwarm ze in de oven om ze nog harder te maken. Vermaal ze (in een keukenmachine) en strooi een ring om je planten. De slakken vinden het niet fijn om hier overheen te kruipen.
Nog een leuk mopje erbij als afsluiter voor jou:
Twee slakken gaan naar het strand.
Daar ziet de ene een naaktslak.
Zegt die tegen de andere.
"Wegwezen hier!
Dit is geen naaktstrand!" 😊
Bedankt voor jou bezoek hier op deze pagina en je bent natuurlijk ook welkom op mijn andere website: Gedichten en Verhalen uit het leven Waar ook de mens, natuur, natuur weetjes, liefde, en meer zijn samen geweven in woord en klank wachten op een bezoek van jou.
Net als hier ook met mooie rustige muziek eronder, of mooie documentaires video's en daarbij ook met eigen videofilms met mooie fotografie. Voor jou deze woorden die je vast ook wel mooi zal vinden.
Daar ik eens vragen per mail binnen kreeg over slakken heb ik deze hier in dit schrijven het uitgebreied geschreven en ik weet het is een lange lees rit maar dan heb je echt alle informatie dacht ik zo.
Voor jou erbij heb ik mijn filmpje(later erbij gezet) van enkele huisjesslakken die als een soort slakkenrace- Family snail goes to a diner rain party(2) -Snail race (er zijn 3 delen die ik van de huisjesslakken had gemaakt. Wellicht vind je het leuk om ze allen te zien en dat kan op mijn YT kanaal.