Onlangs hadden wij bij een mooie natuurwandeling weer een bijzondere boktor ontmoet en dat was De fraaie schijnboktor-Oedemera nobilis. Het is een slanke, middelgrote kever en ongeveer 8 a 9 mm lang. En deze boktor behoort tot de familie schijnboktorren (Oedemeridae).
De dekschilden aan de achterzijde zijn versmald en de achtervleugels zijn daardoor voor een deel onbedekt. Het Nekschild is wat bolvormig, aan de voorkant verhoogd en twee deuken aan de achterkant. Het is een slanke kever met mooie lange, fijne antennes.
Deze boktorren zijn ook heel herkenbaar aan hun levendige metallic groene kleur die zij hebben en ook aan de spleet die ze hebben in de elytra (vleugelkast). De dekschilden of elytra zijn bij kevers die verdikte en verharde voorvleugels, die zijn veranderd tot schilden die de ook de onder liggende achtervleugels en het achterlichaam (abdomen) beschermen. Deze opening in de elytra is niet altijd zo duidelijk te zien maar geeft over het algemeen aan dat de vleugels niet goed sluiten over de rug.
De kleur kan ook soms variëren van blauw tot violet. De dekschilden zijn sterk versmald aan de achterzijde, waardoor de achtervleugels voor een deel onbedekt zijn. Hun vleugels-elytra vormen een harde schaal die hun vliegende vleugels ook gedeeltelijk beschermt. Hun metaalachtige kleur zit in de elytra. Om te kunnen vliegen moeten de kevers de dekschilden omhoog brengen om zo hun vliegende vleugels vrij te maken.

Er zijn heel veel soorten bloemkevers en ze hebben vast ook deze naam ontvangen door het feit dat ze in het voorjaar en in de zomer meestal veel worden gespot op bloemen en omdat zij zich ook voeden met het stuifmeel en soms ook met wat nectar. En dus worden ze ook veel stuifmeelkevers genoemd. Zij zijn tevens allen ook harde werkers daar ze ook veel bestuivende werkzaamheden doen. Leven doen ze ongeveer maar een jaar dus zorgen ze ook veel voor het nageslacht. En welk vrouwtje schijnboktor wil nu niet met zo een mooi mannetje paren die van die prachtige gespierde poten heeft.
Het vrouwtje legt in de vroege zomer eieren op de voedselplant. De larven dringen dan later het plantenweefsel binnen en leven daar tot verpopping. De larven leven op de grond, soms ook in rottend hout, in dode stengels of in de wortels van kruidachtige planten. De larven voeden en ontwikkelen zich ook binnen de plantstelen.
Volgens Wikipedia zijn er meer dan 33.000 soorten boktorren, die een grote variatie kennen aan kleuren en patronen. En er zijn ook zo een 1500 soorten schijnboktorren. Enige boktorren had ik al eens ontmoet en heb daar ook al eens over geschreven. De fraaie schijnboktorren worden ook wel eens "dik-benige kevers" genoemd vanwege hun gezwollen ogende achterpoten, waardoor ze er ook inderdaad wat stoer en gespierd eruit zien. Maar het zijn alleen de mannetjes die deze bijzondere eigenschap hebben. En zo zie je dan ook het verschil van een vrouw of een mannetje.
De sterke verdikking die ze bezitten heeft echter geen invloed op het vliegvermogen. Onze insectenwereld is soms best wel wonderbaarlijk te noemen want sommige hebben echt van die mooie uitstralingen. En neem ook eens een vergrootglas mee op je wandeling waarmee je dan vast nog veel meer mooie kenmerken zal zien van een insect.
Deze boktorren zijn ook heel herkenbaar aan hun levendige metallic groene kleur die zij hebben en ook aan de spleet die ze hebben in de elytra (vleugelkast). De dekschilden of elytra zijn bij kevers die verdikte en verharde voorvleugels, die zijn veranderd tot schilden die de ook de onder liggende achtervleugels en het achterlichaam (abdomen) beschermen. Deze opening in de elytra is niet altijd zo duidelijk te zien maar geeft over het algemeen aan dat de vleugels niet goed sluiten over de rug.
De kleur kan ook soms variëren van blauw tot violet. De dekschilden zijn sterk versmald aan de achterzijde, waardoor de achtervleugels voor een deel onbedekt zijn. Hun vleugels-elytra vormen een harde schaal die hun vliegende vleugels ook gedeeltelijk beschermt. Hun metaalachtige kleur zit in de elytra. Om te kunnen vliegen moeten de kevers de dekschilden omhoog brengen om zo hun vliegende vleugels vrij te maken.

Er zijn heel veel soorten bloemkevers en ze hebben vast ook deze naam ontvangen door het feit dat ze in het voorjaar en in de zomer meestal veel worden gespot op bloemen en omdat zij zich ook voeden met het stuifmeel en soms ook met wat nectar. En dus worden ze ook veel stuifmeelkevers genoemd. Zij zijn tevens allen ook harde werkers daar ze ook veel bestuivende werkzaamheden doen. Leven doen ze ongeveer maar een jaar dus zorgen ze ook veel voor het nageslacht. En welk vrouwtje schijnboktor wil nu niet met zo een mooi mannetje paren die van die prachtige gespierde poten heeft.
Het vrouwtje legt in de vroege zomer eieren op de voedselplant. De larven dringen dan later het plantenweefsel binnen en leven daar tot verpopping. De larven leven op de grond, soms ook in rottend hout, in dode stengels of in de wortels van kruidachtige planten. De larven voeden en ontwikkelen zich ook binnen de plantstelen.
Zij voeden zich uitsluitend met plantaardig materiaal. De larve groeit in de zomer en verpopt zich in de herfst in vorm van een soort poppenwieg in de grond. Hoewel zij dan al in de herfst volledig ontwikkeld zijn, overwinteren ze in de pop-wieg en komt hij pas het volgende voorjaar uit. Net als elk dier hebben de larven net als de kevers ook hun vijanden en dat zijn vogels, padden en de insecteneters.
De bloemen waar je hen eens op kan tegen komen zijn onder andere die van de Asteraceae- Composietenfamilie , Cyperaceae- Cypergrassenfamilie , Convolvulaceae- Windefamilie, Cruciferae- Kruisbloemenfamilie, Dipsacaceae- Kaardebolfamilie, Papaveraceae,- Papaverfamilie, Plantaginaceae- Weegbreefamilie, Rosaceae- Rozenfamilie. Op schermbloemige zoals Wilde peen en Duizendblad zijn ze ook al eens veel gezien. Nu heb je ook beetje info waar je hen dus ook kan ontmoeten. En wie ook eens een boktor zal ontmoeten en niet weet welke het zal wezen dan is deze link wat voor jou-: https://determineren.nederlandsesoorten.nl/
De wetenschappelijke naam is Oedemera nobilis en dit werd in 1763 door de entomoloog Giovanni Antonio Scopoli beschreven onder de oorspronkelijke naam Cantharis nobilis. Synoniem van Oedemera nobilis (Scopoli, 1763) In tegenstelling tot zijn voorgangers Carl Linnaeus en Johan Christian Fabricius, die respectievelijk de structuur van de insectenvleugel en de structuur van de insecten monddelen hadden gebruikt als het belangrijkste middel om geleedpotigen te classificeren.
De bloemen waar je hen eens op kan tegen komen zijn onder andere die van de Asteraceae- Composietenfamilie , Cyperaceae- Cypergrassenfamilie , Convolvulaceae- Windefamilie, Cruciferae- Kruisbloemenfamilie, Dipsacaceae- Kaardebolfamilie, Papaveraceae,- Papaverfamilie, Plantaginaceae- Weegbreefamilie, Rosaceae- Rozenfamilie. Op schermbloemige zoals Wilde peen en Duizendblad zijn ze ook al eens veel gezien. Nu heb je ook beetje info waar je hen dus ook kan ontmoeten. En wie ook eens een boktor zal ontmoeten en niet weet welke het zal wezen dan is deze link wat voor jou-: https://determineren.nederlandsesoorten.nl/
De wetenschappelijke naam is Oedemera nobilis en dit werd in 1763 door de entomoloog Giovanni Antonio Scopoli beschreven onder de oorspronkelijke naam Cantharis nobilis. Synoniem van Oedemera nobilis (Scopoli, 1763) In tegenstelling tot zijn voorgangers Carl Linnaeus en Johan Christian Fabricius, die respectievelijk de structuur van de insectenvleugel en de structuur van de insecten monddelen hadden gebruikt als het belangrijkste middel om geleedpotigen te classificeren.
En was Scopoli meer een voorstander van een uitgebreidere holistische benadering. Het woord holistisch betekent wanneer er naar het geheel wordt gekeken en niet naar de som van de verschillende onderdelen waarvan iets is opgebouwd. En dat maakt het toch wat interessanter waardoor vele er dan ook meer van kan leren.
De Engelse benaming vond ik ook wel leuk hoe hen ze soms ook noemen en dat is de naam "swollen beetle" of the beetle with swollen thigh maar er zijn vast nog meer mooie namen bekend van hen.
Ze leven wijdverbreid in heel Europa. En wellicht heb jij deze fraaie schijnboktor - Oedemera nobilis) ook weleens ontmoet. Leuk dat je even gezellig op bezoek kwam om te lezen en/of te kijken. Natuurgroetjes van mij, Tine
Wees ook welkom op mijn andere website: Gedichten en Verhalen uit het leven waar ook vele weetjes staan uit de mooie natuur en kleine insectenwereld en waar ook de mens, natuur, liefde is samen geweven in woord en beeld met muziek en veel meer.
Tekst, Fotografie © Tine de Jong, 2020, alle rechten voorbehouden
De Engelse benaming vond ik ook wel leuk hoe hen ze soms ook noemen en dat is de naam "swollen beetle" of the beetle with swollen thigh maar er zijn vast nog meer mooie namen bekend van hen.
Ze leven wijdverbreid in heel Europa. En wellicht heb jij deze fraaie schijnboktor - Oedemera nobilis) ook weleens ontmoet. Leuk dat je even gezellig op bezoek kwam om te lezen en/of te kijken. Natuurgroetjes van mij, Tine
Wees ook welkom op mijn andere website: Gedichten en Verhalen uit het leven waar ook vele weetjes staan uit de mooie natuur en kleine insectenwereld en waar ook de mens, natuur, liefde is samen geweven in woord en beeld met muziek en veel meer.
Tekst, Fotografie © Tine de Jong, 2020, alle rechten voorbehouden
Info bronnen zijn uit enkele insectengidsen en natuurboeken uit mijn privé bibliotheek.
Mooie video erbij die ik ontmoette op YT waar je goed de dekschilden kan zien van zijn mooie gespierde poten. en deel deze graag met jou.
Mooie video erbij die ik ontmoette op YT waar je goed de dekschilden kan zien van zijn mooie gespierde poten. en deel deze graag met jou.

