dinsdag 23 mei 2017

Het spuugbeestje - Philaenus spumarius

Het spuugbeestje - Philaenus spumarius

Niet alleen mensen maken spuug hoor,want...

Vanaf mei tot de vroege zomer kan jij ook van deze kloddertjes schuim op vele planten en bomen vinden. En zij worden geproduceerd door de larven van de Schuimcicade (Philaenus spumarius) die dat doet door via de anus vocht uit te scheiden en daarin heel veel lucht uit te ademen waardoor je dit koekoeksspog, zoals het ook wel genoemd wordt ziet. Het spuugbeestje overwintert in een ei. Van april tot aan de zomer leeft hij in een schuimklodder maar tussen mei en september zou je al volwassen exemplaren kunnen tegen komen. 

Het schuimbeestje is een insect dat behoort tot de onderorde cicaden (Auchenorrhyncha). Het is in Nederland en België tevens de meest algemene en bekendste cicade. De lichaamslengte is ongeveer 5 tot 7 millimeter, de kleur is bruin tot bruingrijs met soms lichtere vlekken. De larven zijn bleekgroen tot -geel en leven in de schuimnestjes.

Vooral wilgenbomen zitten nog wel eens vol met deze larven waardoor het kan lijken of het regent, zoveel vocht valt er dan uit de bladkroon. De larven vervellen binnenin het schuim vijf keer en worden dan een imago. En dat is een echt een minuscuul insectje dat over onvoorstelbare springkracht beschikt. 

Het zijn de kleine springertjes van maar zes mm lang die je wel tussen de planten ziet weg springen als jij in de tuin aan het werk bent. Hij kan zijn pootjes als een veer spannen en daarbij een afstand van 70 cm halen. Dat is als een mens die uit stilstand 210 meter hoog zou springen. Dat beestje weegt niet meer dan 12 milligram! Het is best wel een mooi diertje wat in de natuur voorkomt, al zou je deze niet snel of vaak ontmoeten. Maar het spuug zal je best wel vaak gezien hebben en je hebben afgevraagd wat dat nu weer is.

De schuimcicade (Cercopidae)legt in het najaar haar eitjes op de blaadjes van menige bloem of plant waar zij vervolgens overwinteren. In het voorjaar komen dan uit deze eitjes nimfen (larven) te voorschijn en bedekken zich met schuim om zich tegen belagers te beschermen. De larven zijn piepklein ( 5-7 mm) en voeden zich met het plantensap uit de stengels of bladeren. Zij hebben een rietje als mond en daarmee kunnen zij zo het plantensap op zuigen. De pas uitgekomen larve steekt zijn snuit in de ader van de plant en begint het plantensap op te zuigen. De larven tasten alleen jonge plantendelen aan en zuigen plantensappen op. En ze eten dus geen bladeren. Wel kan je eens wat druppels ontvangen als je onder de bomen staat, waar ze inzitten en dan weet je dat het weer zover is dat zij aanwezig zijn.

Dat sap bevat veel suiker. Na enkele uren scheidt dan de larve een zoetige substantie af die vergelijkbaar is met de honingdauw van bladluizen. Maar de larve scheidt ook een soort was uit. Als er genoeg van dat mengsel is, begint de larve erin te blazen. Als het spuugbeestje wordt geboren, lijkt hij al aardig op zijn pa en ma. Maar vleugels heeft hij nog niet. Uit het eitje kruipt een jonkie van een paar millimeter. Hij prikt zijn snuit in een stengel of een blad. En zuigt al het sap van de planten. Spuugbeestjes zijn zuigbeestjes. 

Dat spuug om hem heen maakt hij zelf. Slim hé? Maar spuug is het eigenlijk ook niet, want het komt niet uit zijn mondje, maar uit zijn kontje! Het is plantensap met nog wat ander spul. Het jonge spuugbeest pompt er steeds wat lucht doorheen. Vandaar al die luchtbelletjes. Net als de belletjes als je met een rietje in een glaasje frisdrank blaast. Probeer het maar eens dan zie je een beetje wat ik bedoel.

En het spul lijkt dan ook wat op zeep en vormt ook belletjes. Het schuim, ook wel koekoeksspog genoemd, beschermt de larve tegen uitdroging en vijanden als vogels, spinnen en wespen. Slechts een paar graafwespen zijn in staat om de larve uit zijn schuim te trekken en een paar wantsen kunnen de larven ook uitzuigen dwars door het schuim heen. 

De larve brengt afhankelijk van de temperatuur 1 tot 3 maanden in zijn schuimhoopje door. Ze komen verspreid voor en richten meestal weinig schade aan. Wel zuigen de larven plantensappen uit bladeren en jonge stengels. Op bladeren kunnen dan plaatselijk vervormingen optreden en kunnen de stengels wat krom trekken. Want zij kunnen nog niet vliegen en daarom verstoppen zij in hun eigen spuugbubbel.

De larven van het schuimbeestje richten nauwelijks schade aan omdat hun aantallen in het schuim zeer klein zijn. Beschouw ze dus niet als een bedreiging. Ze zijn trouwens ook gemakkelijk te bestrijden, mocht je dit willen maar als je van de natuur houdt doe je dit niet. Spuit het schuim gewoon weg met een flinke waterstraal. Of doe handschoenen aan en zet je vingers in het schuim en haal de larven uit het schuim. Het bestaat uit niets anders dan opgeklopt eiwit dat door het diertje aan de plant wordt onttrokken. Met deze onaantrekkelijke klodders beschermt de larve van het spuugbeestje zich tegen uitdroging en van vraatzuchtige vogels. Het is de “nimf”van de cicade die dit schuim produceert.
Het spuugbeestje - Philaenus spumarius

Er zijn wel plus minus 40.000 verschillende soorten cicaden en zij komen over de hele wereld voor behalve op Antarctica. Dus zie jij eens wat spuug tussen de planten zitten dan weet je nu in elk geval wel wat het is. mocht je het niet hebben geweten. Ik kwam het ook tegen zoals je de foto's ziet, maar helaas alweer de insect die het veroorzaakte zag ik niet. Heb jij deze weleens ontmoet??

In dit onderstaande korte filmpje zie je iets heel moois.

Kom ook eens op visite op mijn andere website, want ook daar vind je ook mooie woorden van mens, over het dier of over de liefde en het leven die jou ook een boodschap kunnen geven, maar ook vind je daar veel over het natuurleven. Maar nog veel meer kan je daar lezen en ik hoop dat je daar ook eens een bezoeker zal wezen. -Klik: Gedichten en verhalen uit het leven

Bedankt voor het lezen van dit natuurweetje en ook bedankt voor je reactie op mijn vorige schrijven.

© Tine de Jong 2017 inclusief foto 1 en foto 2 is mijn eigen fotografie.


donderdag 18 mei 2017

Ontmoet de Spinselmot rupsen

Ontmoet de Spinselmot rupsen

Vandaag ontmoette ik veel rupsen in een spinsel tussen vele bladeren in het park. ik heb er al verschillende ontdekt op andere plekken waar ik onlangs ook had gewandeld. Dit spinsel is afkomstig van de larve (rups) van de spinselmot. De spinselmot, ook wel stippelmot genoemd,(Yponomeutidae) is een kleine nachtvlinder. Vanaf juli tot eind augustus zijn ze waarneembaar.

Het worden straks kleine witte mot vlindertjes met zwarte stippen. De eieren overwinteren en in april komen de rupsjes uit. Deze beginnen onmiddellijk aan waarvoor ze worden geboren: eten, of beter gezegd vreten, want dat kunnen ze inderdaad hoor. 

Tegen eind mei - begin juni zijn de aangetaste waardplanten volledig kaalgevreten en bedekt met een dicht, wit zijdespinsel. De spinselmot zelf is op zich het probleem niet. Het zijn de rupsen die de vele aantasting veroorzaken.

Deze rupsen van dit vlindertje beschermen zich tegen vogels en sluipwespen door zich tussen gesponnen draden te verstoppen. De rupsen zijn in de spinsels goed beschermd tegen eventuele vijanden, zoals de spreeuw, andere vogels. 

Maar er zijn ook wel sluipwespen die hun eieren op de rupsen leggen en die kunnen door de spinsels de rupsen soms wel moeilijk bereiken. De eitjes van de sluipwesp worden in de larven of poppen gelegd en de larven van de sluipwesp eten hun gastheer van binnenuit op.

Al dat rag ziet er naargeestig uit. Zie foto links onder. Toch kun je de rupsen gewoon hun gang laten gaan. Vóór eind juni verpoppen ze zich en loopt de struik weer snel uit met vers groen blad. Waar je hen ook veel kan aantreffen is in de appelbomen in boomgaarden. 
Ontmoet de Spinselmot rupsen
Maar ze hebben soms de gekste plekken uitgezocht want ik had al gelezen dat ze zelfs eens een fiets of een hele auto kunnen inpakken. De rups in je plant hebben is wel pure pech. Het kan soms ook zo wezen dat ze twee jaar dezelfde plant kiezen, maar het kan ook zestig jaar duren voor ze weer een keer in dezelfde plant zitten. Er is in deze maand al vele waarnemingen gezien van hele grote webben van dit spinsel.

Ontmoet de Spinselmot rupsen

De volwassen stippelmot legt groepen van 20 tot wel 50 eitjes daksgewijs (zie bovenstaande foto) op de takken van bomen of struiken. De uitkomende larven bevrijden zich in eerste instantie niet uit het ei, maar doorboren op een punt de schaal. De larven die uitkomen beschutten zich gedurende de winter met de schaal waaruit ze kwamen maar ook in het spinsel. 
De eieren worden in hoopjes afgezet in schorsspleten van de voedselplanten die boven aan het menu van hun rupsen staan. Het gedrag van deze rups blijft voornamelijk binnen de nesten of hangt er aan lange draden onder. Dat had ik ook al bij vele struiken en bomen ontmoet. Zie foto beneden waar je ook het verpoppingsproces kan zien.

Ontmoet de spinselmot rupsen

Het verpoppingsproces gebeurt gemeenschappelijk in een zwaar spinselnest tegen de stam, tussen de takken of aan de voet van de aangetaste boom of struik. De overgang van rups naar vlinder zal ongeveer 4 tot 6 weken duren. Menige rups zal het ook niet overleven want het is voor de vogels een ware vitamine bron. En vele verdwijnen dan ook in de snavel van hen als zij de kans krijgen hen heerlijk te verorberen

Enkele weken later verschijnen de vlinders om weldra weer aan de gehele cyclus te beginnen. Er is maar één generatie per jaar. De stammen van de waardplanten worden onherkenbaar. Honderden lichte vlinders zitten naast elkaar op de schors om eieren af te zetten waarna de kringloop opnieuw van start kan gaan. Over de gehele wereld komen spinselmotten voor en in het voorjaar kan jij deze spinsels dus ook ontmoeten.


Soms kan deze aantasting zo heftig zijn dat de struik of boom in het voorjaar niet eens meer uitloopt maar verandert in een soort magisch spookachtig gedrocht volledig ingebonden met een zilvergrijs spinselweb. Deze heb jij vast ook wel eens ontmoet in je tuin of elders. Je krijgt het idee dat er iets zeer ernstigs aan de hand is en de plant dood zal gaan. Toch valt het mee al zijn de meningen hierover wel verdeeld. Maar een gezonde boom zal niet sterven ten gevolge van de kaal-vraat. En zal later weer echt gewoon mooie jonge blaadjes ontvangen.

Nog even wat info voor jou over de rups: Rupsen hebben zes kleine enkelvoudige oogjes, ocelli genoemd, die op de onderste helft van hun kop zitten, waarmee ze echter niet goed kunnen zien. Het zoeken naar voedsel doen ze met hun korte voelsprieten. Rupsen ademen niet door hun mond, maar door buisjes (tracheeën) met op elk segment aan weerszijden een opening (stigma). De buisjes vormen in het lichaam een netwerk van luchtkanaaltjes.


Bestrijding van de spinselmot

De spinselmot is niet gevaarlijk voor de gezondheid. Je zal er geen uitslag van krijgen zoals bij de eikenprocessierups. Het is dus aan te raden om niet direct naar giftige middelen te grijpen. Deze kunnen schadelijk zijn voor andere dieren als je ze gaat gebruiken. Een veilige oplossing is koud water te gebruiken met een zeep oplossing op citroenbasis. Niet schadelijk voor het milieu of voor menig ander dieren.

De kenmerken zijn dat deze kleine nachtvlinders een spanwijdte hebben van ongeveer twee centimeter. Zij hebben witte voorvleugels die bezaaid zijn met talrijke zwarte stippen. De achter vleugels zijn grijsbruin. De vleugelranden hebben lange franjes. 

De rups van de spinselmot heeft een lichtgele grondkleur met zwarte stippen en een zwarte kop. Ze zijn één centimeter groot of meer. Een foto kan ik je niet geven want ik heb deze nog niet ontmoet. Wellicht zie ik deze eens en zal dan de foto hierbij zetten.

Voor jou een filmpje die ik heb gemaakt van deze rupsen die al heel wat hebben gegeten:

Bedankt voor je bezoek. En hoop je nog eens vaker op de website mogen te ontmoeten.
Tot een volgend maal met een ander mooi natuur verhaal voor jou.

Tekst  en fotografie en video © 2017 Tine de Jong